copyright: Ton de Kruyf
TUINTIPS
Copyright: Ton de Kruyf
VOOR IEDEREEN!
Copyright: Ton de Kruyf
De wintertuin

Koud?

Veel tuinders kruipen bij de warme kachel, als de dagen kort worden en de oogst van het land is. Toch valt er ook in de winter best veel te beleven. Kleed je warm aan en kom naar de tuin!
Het Zonneveld in februari.


Spitten

Traditioneel wordt de tuin gespit vóór het vriezen. Als dan, na een stevige vorstperiode, de kluiten ontdooien, dan vallen ze uiteen in heerlijk losse kruimels. De laatste jaren pakte dit niet zo goed uit. Door de vele regen in het voorjaar zakte alles weer in elkaar, en moest je eigenlijk nog een keer spitten.

En waarom zou je eigenlijk spitten? In "de natuur" wordt toch ook niet gespit? Dat is waar, maar maar ten dele. Omvallende bomen, gravende dieren, stuivende duinen en schuivende hellingen kunnen de grond behoorlijk omwoelen. En het gaat natuurlijk ook om de planten die je wilt telen. Wil je planten die houden van een niet verstoorde grond, of planten die juist losse grond willen? Deze laatsten zijn, niet geheel toevallig, de bekende moestuinplanten.

En spitten is zwaar. Ook dat is waar, en we worden ook een dagje ouder. Maar om daarom niet te spitten? Dus: neem een niet te zware spa, spit dunne plakjes en spit per dag een niet te groot stuk. Goed voor je planten, en voor jezelf.

Snoeien

Veel bomen en struiken worden in de winter gesnoeid. Je moet echter niet snoeien als het hout bevroren is. Nog sterker: bevroren planten moeten vreselijk met rust gelaten worden. Allen al buigen kan ernstige inwendige verwondingen veroorzaken (bij de plant natuurlijk). Kijk maar eens naar bevroren gras waar overheen gelopen is.
Vroeg, voor de echte winter al snoeien is ook niet gebruikelijk. Voor de plant is het te koud om de wonden te dichten, zodat er gevaar voor infecties is. Om deze reden mogen pruimen en perzikken helemaal niet worden gesnoeid in de winter: deze planten snoei je tussen maart en september.
Maar te laat in de winter is ook niet goed. Zo moeten kasdruiven worden gesnoeid tussen kerst en eind januari, en buitendruiven eind februari (tenzij het nog vriest natuurlijk). Worden druiven te laat gesnoeid, dan is de sapstroom vanuit de wortels alweer op gang, en zullen de snoeiwonden "bloeden".
Ook peren moeten niet te lang na de vorst worden gesnoeid. De knoppen beginnen al vroeg te zwellen, waardoor er het gevaar is dat ze van de tak worden gestoten. Voor appels komt het minder nauw, in principe kun je die snoeien van februari tot september.

Onkruid

Straatgras, herserstasje, klein kruiskruid: deze planten zijn in staat om in december nog zaad te produceren. Ook ander onkruid groeit vaak nog heel behoorlijk door, zeker als het niet vriest. Nu is onkruid in de winter niet zo erg: het houdt de regen tegen zodat de grond niet dichtslaat en wegspoelt, en het voorkomt dat meststoffen naar de sloot regenen. Maar het zaait wel erg uit...
Zoals hierboven aangegeven zijn bevroren planten erg kwetbaar. En als het vriest is er verder niet zo veel te doen op de tuin. Dus als u dan met een schoffel(tje) of een plantschopje het onkruid even aanraakt, dan drukt u het zo van de wortels af. En u trapt ook de grond niet vast.

Veldsla

Veldsla overleeft behoorlijk wat vorst.

In onze streken gaat een groot deel van de planten in winterrust: ze laten hun blad vallen, overwinteren onder de grond of maken zaad en sterven af. Er zijn echter ook planten die de vrijgekomen ruimte juist benutten en in de winter groeien. Veldsla is zo'n plant. Zaai dit eind augustus of september op een vrijgekomen stukje grond, of zaai het onder de stokbonen of onder andere planten die eind september worden geoogst. Het kan erg veel vorst hebben. Ik heb gemerkt dat de planten beter groeien als je grof gaas een paar cm. boven de planten spant. Waarschijnlijk worden ze dan net iets warmer.
Oogsten doe ik door de blaadjes een cm. boven de grond af te snijden. Het hart van de plant blijft dus staan. Dat zit namelijk vol zand, en als je de hele plant oogst is het thuis een enorm werk om het schoon te maken. Bovendien loopt de plant weer uit, zodat je nog een keer kan oogsten.
Zand is geen probleem als je de planten in de kas kweekt. Om die reden, en omdat ze in de kas beter groeien, steek ik de planten uit en zet ze in bloembakken in de kas.
Eind maart gaan de planten doorschieten en zijn ze niet meer eetbaar. Maar als je een paar van de mooiste planten laat staan heb je eigen teelt zaad.


Winterpostelein

Wat hierboven is gezegd over veldsla geldt ook voor winterpostelein: ook deze groeit in de winter en schiet in het voorjaar in het zaad. De bladeren kunnen rauw of gekookt als postelein worden gegeten. Laat een paar planten staan en je hebt het volgend jaar overal winterpostelein: het zaait erg uit. Kijk dan ook eens hoe het bloeit: een schotel met daarop de bloemetjes.

Witlof


Witlof groeit in de kelderkast.
Verse groente uit eigen tuin, en dat midden in de winter! En nog beter: je hoeft er de deur niet voor uit, want het groeit bij de watermeter!
Het begint met het telen van de wortels. Dat gebeurt in de zomer, gewoon op rijtjes, niet zo moeilijk. In november worden de wortels gerooid en moeten ze een week op de grond blijven liggen. Snij dan het blad eraf, maar zodanig dat het hart van de bladeren nog aan de wortel zit.
Hierna moeten de wortels worden opgekuilt. Deze gaan namelijk weer uitlopen, maar het nieuwe blad moet in het donker blijven, anders wordt het groen en bitter. De wortels worden schouder aan schouder in een kuil gezet, en toegedekt met losse grond. Op het moment dat de kroppen door de deklaag komen moeten ze worden opgegeten, of moet de deklaag worden opgehoogd.
Persoonlijk had ik erg last van woelmuizen in mijn witlofwortels. Dit is op te lossen door een soort kist van gaas te maken en daar je witlof in te telen. Als je niet zo veel wortels hebt, dan kun je ze ook oppotten in emmers. Deze zet je dan, zonder dekgrond, in de put van de watermeter. Of, als je geen inwonend neefje hebt, in de kast onder de trap. (Zegt dit je niets, lees dan Harry Potter). In ieder geval: donker houden en af en toe water geven.


Rabarber

Heeft u daar wel eens over nagedacht: in december, bij 12 graden, loopt een plant niet uit, en in april, bij 12 graden, wel. Heel nuttig natuurlijk, de jonge blaadjes zouden in januari zeker bevriezen. Blijkbaar houdt de plant bij, hoever de winter gevorderd is. Er wordt pas uitgelopen, als de temperatuur hoog genoeg is, én er voldoende kou geweest is.
Dan nu de rabarber. Meestal is er begin of half januari voldoende kou geweest om de winterrust van de rabarber te breken. Als je hem nu opwarmt, zal hij dus gaan uitlopen. Als de grond niet bevroren is, kan je de hele plant uitgraven en in de kas zetten. Toedekken met aarde of compost, regelmatig water geven en je hebt ruim voor pasen al rabarber. Als je de plant wilt aanhouden, dan niet te veel blad plukken en niet te lang in de kas houden.
Als alternatief voor uitgraven kan ook een klein verplaatsbaar kasje of desnoods een losse ruit over de plant worden gezet. Als extra warmtebron kan er wat mest met stro van de manege bij worden gelegd. Ook dan: niet te veel plukken en bijtijds weer in de open lucht zetten.

Koud?

's Winters als het vriest, dan is het koud, zij mijn oma dan. Inderdaad. Nou en?

Tekst: Adri.